FHIC Onderzoek en implementatie
Sinds de start van FHIC in 2015 werken praktijk, wetenschap, ervaringsdeskundigen en naasten samen aan de verdere ontwikkeling van de methodiek. Onderzoek speelt daarbij een belangrijke rol.
Lerend netwerk en doorontwikkeling (2023-2027)
In deze fase ligt de focus op het verder versterken van het lerende netwerk en de doorontwikkeling van het FHIC-model. Uitgangspunten zijn openheid, transparantie en contact. Centraal staat de beweging van beheersen naar contact, met relationele veiligheid als uitgangspunt en het terugdringen van verplichte zorg als doel.
De drie onderzoekslijnen die centraal staan in deze fase zijn:
- Cultuurverandering
Werken volgens de FHIC methodiek vraagt van behandelteams een verandering in cultuur, werkwijze en structuur. Deze onderzoekslijn richt zich daarom op de ontwikkeling van een reflectiemethode waarmee teams gezamenlijk hun waarden en normen kunnen verkennen.
- Implementatie per setting
De afdelingen die met de FHIC methodiek verschillen van elkaar in setting, beveiligingsniveau en doelgroep. Deze onderzoekslijn brengt de afdelingsprofielen in kaart, formuleert best practices en benoemt per type afdeling de specifieke aandachtspunten bij implementatie.
- Doeltreffendheid
Teams ervaren dat het werken volgens FHIC leidt tot meer contact en minder verplichte zorg. Binnen deze onderzoekslijn wordt onderzocht of dit ook terug te zien is in de praktijk. Er wordt daarbij gekeken naar uitkomsten zoals incidenten, dwang- en drangmaatregelen en ziekteverzuim onder medewerkers.
Zicht op Agressie
Zicht op Agressie brengt in kaart hoe vaak en op welke manier agressie voorkomt op FHIC-afdelingen. Met behulp van de SOAS-R registreren deelnemende afdelingen agressie-incidenten op een eenduidige manier.
Door deze gegevens te combineren met andere uitkomsten, zoals dwangmaatregelen en ziekteverzuim, ontstaat meer inzicht in de effecten van het werken volgens het FHIC-model. De resultaten dragen bij aan de verdere ontwikkeling van de FHIC-methodiek en bieden afdelingen concrete aanknopingspunten om zorg, herstel en veiligheid te versterken.
Het wetenschappelijke onderzoek wordt mede mogelijk gemaakt door Kwaliteit Forensische Zorg (KFZ).
Duurzame inbedding (2020-2022)
Tijdens de duurzame inbedding stond de vraag centraal hoe FHIC in de praktijk werkt. Samen met 19 forensische zorginstellingen werd onderzocht hoe instellingen het model vormgeven en wat dit betekent voor onder meer veiligheid, leefklimaat en opnameduur. De resultaten droegen bij aan de verdere onderbouwing van FHIC.
In 2021 promoveerde Sylvia Gerritsen op haar onderzoek naar FHIC in de praktijk.
Implementatie en ontwikkeling (2017-2020)
In 2017 startte de implementatiefase. Negen forensische zorginstellingen gingen aan de slag met FHIC. Parallel hieraan onderzocht Amsterdam UMC de implementatie van het model. Via audits en praktijkonderzoek werden ervaringen verzameld en werd de FHIC-monitor ontwikkeld en gevalideerd. De resultaten leidden tot een doorontwikkeling van het werkboek en de validatie van de monitor.
Ontstaan (2015-2016)
FHIC is ontstaan 2015 vanuit de wens om het HIC-model te vertalen naar de forensische zorg. Samen met zorgprofessionals, ervaringsdeskundigen, verwijzers en onderzoekers werd het FHIC-model ontwikkeld. Dit resulteerde in een gezamenlijke visie, het eerste FHIC-werkboek en de start van de eerste proeftuin bij FPA Roosenburg in 2016.